Japanse Toren glansrijk gefacelift
|
Een knalrood kroonjuweel
Wie Brussel binnenrijdt via de Van Praetlaan, kan er niet naast kijken. De Japanse toren glanst als nooit tevoren. Dit kroonjuweel van exotisme lijkt in een pioenrood kleurbad te zijn gedompeld. Het resultaat van een acht maand durende renovatie, waar een dozijn professionele schilders, een 30 meter hoge stellage en honderden liters Rubbol lak aan te pas kwamen. |
 |
| Voor het begin van de schilderwerken moesten de vogels, drakenkoppen en andere versieringen van de toren verwijderd worden. In totaal werden 52 metalen decoratieve elementen en 32 houten reliëfsculpturen gedemonteerd en veilig opgeslagen.
Eind juli 2007 werd gestart met het in elkaar zetten van de stellage. Eerst werd rondom de toren een verticale steiger van 30 meter hoog gebouwd. Daarna werden er op elk niveau uitstekende platformen gemaakt opdat de schilders ook de dieper liggende gedeelten van het houten geraamte konden bereiken. Het opbouwen van deze stellage nam niet minder van ze weken in beslag.
|
 |
Het onderzoek van de ondergrond bracht aan het licht dat de oude verflaag lood bevatte. Zandstralen was uitgesloten want té belastend voor het milieu en voor de gezondheid van de arbeiders. Zo bleef er geen enkel mogelijkheid dan de verflaag te verwijderen met een krachtig afbijtmiddel.
Het afbijtmiddel werd in een dikke laag aangebracht zodat alle verf in één keer losliet en het prachtige rode dennenhout tevoorschijn kwam. Om de chemische reactie van het afbijten te stoppen, werd de hele toren nadien behandeld met azijn. De oude stopverf werd verwijderd en de scheuren en spleten werden opnieuw gevuld met Sikkens Componex WR (tweecomponenten houtreparatiemassa). De rotte houtonderdelen werden vervangen. |


|
|
Voor een duurzame bescherming werd geopteerd voor een klassiek drielagensysteem met een laag solventgehalte. Alle lagen (ook de grondlaag) werden vooraf rood aangekleurd en aangebracht met het verfpistool. Op die manier was het mogelijk om alle hoekjes en kantjes van het houtwerk te bereiken en een perfect dekkend resultaat te bekomen.
De grondlaag Onol en twee lagen Rubbol werden in een lichtjes verschillende tint aangekleurd. Zo was het voor de schilders makkelijker om het werk met het blote oog te controleren.
Ook tijdens de winterperiode lag de werf niet stil. Aan de buitenzijde van de stellage werden netten bevestigd die bescherming boden tegen regen en sneeuw. De directe werkzone werd vervolgens afgeschermd met plastic en zo goed als mogelijk verwarmd. |
 |